Interview met Margreet van Roemburg
Het recept van 'mevrouw Herôme'
Een beetje geluk en heel veel inzet
Margreet van Roemburg ontdekte bijna 25 jaar geleden, tijdens een vakantie in Engeland, een nagelverharder. Ze zag een gat in de markt en ging er in Nederland mee aan de slag. Duizenden flesjes vulde ze zelf, met hulp van haar moeder en vrienden. Doosjes voor de verpakking werden door dezelfde bemanning gevouwen. Inmiddels is ze eigenaar van het miljoenenbedrijf Herôme, een naam die ze zelf bedacht. Een selfmade woman aan het woord.
Ik was 23, had last van splijtende nagels en was op zoek naar een goed middel daartegen. In Engeland liep ik tegen een flesje nagelverharder aan. Ik kwam erachter waar dat gemaakt werd en kreeg toestemming om er in Nederland mee aan de slag te gaan. De adrenaline stroomde, want ik wist zeker dat ik een succes in handen had. Ik wist alleen nog niet precies hoe ik dat succes moest realiseren.
Ik dacht niet dat ik meer zou kunnen dan trouwen en voor kinderen zorgen
Misschien is de basis voor m'n drang naar zelfstandigheid gelegd in m'n jeugd. Ik ben opgegroeid in een gezin van twaalf kinderen, vier jongens en acht meiden. We hadden thuis drie slaapkamers: één voor mijn ouders, een jongenskamer en een meisjeskamer. We deelden met vier meisjes twee tweepersoonsbedden. Je moest dus letterlijk vechten voor je plekje. Ons huishouden was erg traditioneel. M'n moeder zorgde voor het huis en de kinderen. M'n vader verdiende het geld, als amanuensis op het Binnen Gasthuis in Amsterdam.
Als ik toen over de toekomst dacht, kwam ik niet verder dan dat ik ooit zou gaan trouwen en voor de kinderen zou gaan zorgen. Ik dacht niet dat ik meer zou kunnen. Toen ik op de mavo in Amsterdam zat, ging ik uit. Ik had meer geld nodig dan m'n krantenwijkje opbracht, dus ging ik aan de slag bij een kantoorboekhandel. Ik werkte dus wel, maar ik zag het allemaal als aanloop naar trouwen en kinderen krijgen. De Mavo heb ik niet eens afgemaakt.
De eerste flesjes vulden we zelf, 25.000 stuks
Toen het allemaal begon, werkte ik nog steeds bij die kantoorboekhandel. Vier dagen in de week. De andere drie dagen waren voor Herôme. Herôme is trouwens van m'n eigen naam afgeleid. Roem van Roemburg werd Rome, dat vond ik wel internationaal klinken. Uiteindelijk werd het Herôme. Ik woonde in die tijd op een vierkamerflatje, dat bleef nog lang de uitvalsbasis voor Herôme.
De eerste twee jaar liet ik de vaten nagelverharder uit Engeland komen. Ik had inmiddels een flessenfabrikant gevonden en iemand die voor het dopje met het kwastje zorgde.
De eerste flesjes vulden we zelf, 25.000 stuks. Ik had de blaren op m'n handen. Etiketten plakten we zelf, de verpakkingen vouwden we zelf. Vrienden en m'n moeder hielpen. Ook de drukker van de verpakkingen hielp: ik kon voor een zacht prijsje terecht. Ik heb nooit hoeven investeren met de hulp van een bank. Daarom is Herôme nog steeds helemaal mijn eigendom.
Ik wist dat ik bij grote detaillisten geen kans maakte
Toen alles klaar stond, moest het spel eigenlijk nog beginnen. Ik wist dat ik bij de grote detaillisten geen kans maakte, die zaten niet op mij te wachten. Ik had wat klanten bij schoonheidssalons, maar dat was niet genoeg. Ik heb alle Gouden Gidsen van Nederland afgespeurd en elke schoonheidssalon en kapperszaak een flesje opgestuurd. Dagenlang heb ik aan de telefoon gezeten. Of ze het product hadden ontvangen? Wat ze ervan vonden? Hoeveel ze er wilden bestellen? Vaak hadden ze het niet gezien, of weggegooid.
We hebben sommige klanten wel veertig keer gebeld in een week tijd. Ze moeten gek van ons zijn geworden. Maar ik wist dat ik bij de grote detaillisten geen kans maakte. Hun schappen waren al overvol en niemand zat op nog een nieuw product te wachten. Als het product bij de salons zou aanslaan, zouden de detaillisten vanzelf wel komen, dacht ik. En zo is het ook gegaan.
Ik kon een oude balletschool huren, de eerste tijd zat ik alleen
Al vrij snel zorgde ik dat ik niet meer afhankelijk was van de fabrikant in Engeland: ik zette bekende apothekers en chemici aan het werk en kwam met een verbeterde versie van de nagelverharder, en bovendien met een nagelriemcrème. Achteraf kun je zeggen dat mijn bedrijf net zo hard is gegroeid als ik zelf aankon. Als ik een investeerder had gehad, was het waarschijnlijk fout gelopen. Na een paar jaar kon ik een oude balletschool huren voor 1200 gulden per maand, een enorm bedrag voor mij in die tijd. De eerste tijd zat ik alleen in dat grote pand, samen met mijn moeder, die hielp met het opnemen van de telefoon en het inpakken van de flesjes. Het vullen ervan had ik inmiddels wel uitbesteed. Ik dacht soms: 'Margreet, waar ben je aan begonnen', als ik naar die enorme stapels keek, die op een of andere manier moesten worden verkocht.
Het geld dat ik verdiende, investeerde ik direct weer. In nieuwe producten, personeel, in marketing. Er kwam een handcrème bij, een gezichtslijn, nagelverharders in verschillende gradaties, nagelmaskers. Die liet ik in het begin door bevriende apothekers en later door een Frans laboratorium ontwikkelen. Later investeerde ik in eigen laboranten en organiseerde ik consumentenpanels en workshops. Maar realiseer je wel dat alles in een redelijk laag tempo ging. Ik wist dat ik in die begintijd een bedrijf van vier, vijf mensen kon leiden, maar niet een onderneming met 25 werknemers. Daar was ik nog helemaal niet aan toe. Eigenlijk deed ik alles op intuïtie. Dat ging soms goed. En soms helemaal fout.
Hoe verover je het buitenland? Ik had geen benul
Toen de introductie bij de grote detaillisten in Nederland gelukt was, besloot ik mijn pijlen op het buitenland te richten. Ik wist immers dat ik een product met internationale potentie in handen had. Maar hoe verover je het buitenland? Ik had geen benul. Ik had het geluk dat een of andere in Nederland geboren Australiër, die vertegenwoordiger in de cosmetica was, bij zijn moeder in Nederland op bezoek was. De buurvrouw van zijn moeder gebruikte Herôme en zei tegen die man: 'Dit moet je in Australië introduceren.' Hij belde me op en riep dat hij 35.000 flesjes wilde hebben voor de Australische markt. Ik dacht: zoveel flesjes verkoop ik niet eens in Nederland. 'Stuur ze maar op,' zei hij. 'Zodra ik ze ontvangen heb, maak ik het geld over.' Jaja, dacht ik, en ik deed niks.
Een maand later bleek dat die Australiër een groot bedrag op mijn rekening had gestort, dus toen moest ik hard aan de slag. Daarna dacht ik die duizenden flesjes nagelverharder per vliegtuig naar de andere kant van de wereld te krijgen. Maar nagelverharder is licht ontvlambaar en dat mocht het vliegtuig niet in. Dagenlang heb ik met douaniers gesproken. Ik heb ze op mijn knieën gesmeekt of ze mijn flesjes wilden verzenden, uiteindelijk is het gelukt. Die man uit Australië - hij werkt nog steeds voor me - had veel succes met Herôme, hij plaatste al snel de ene bestelling na de andere. Met dat geld kon ik verder over de grenzen kijken.
Herôme is nu een van de spelers op de internationale cosmeticamarkt. Het bedrijf groeit naar een omzet van 15 miljoen euro per jaar. We zijn marktleider op het gebied van hand- en nagelverzorging. Maar ik ben nog lang niet klaar hoor. Er is nog zoveel gebied te veroveren. De voetverzorging bijvoorbeeld. Of mannencosmetica, dat is een enorme groeimarkt. Daarnaast wil ik verder Europa veroveren en wellicht ooit de oversteek naar Amerika maken.
Werken is leuk, je dromen waar kunnen maken is bijzonder
Ik hoop dat ik, als alleenstaande moeder, mijn dochter Djanu goed kan opvoeden en kan leren over de mooie en minder mooie facetten in het leven. Ik heb natuurlijk geld en een mooi huis, maar eigenlijk is dat niet zo belangrijk. Ik ben blij dat ik onafhankelijk ben, zowel in materieel opzicht als in mijn geest. Het leven bestaat niet alleen uit werken, al kun je er nog zo veel voldoening in vinden. Niemand kan zonder liefde en geluk en vriendschap, dat heb ik wel geleerd. Daarom heb ik van tijd tot tijd groepen kinderen thuis, die hier logeren. Een weekend, en in de zomermaanden of in de kerstvakantie soms een paar weken. Kinderen die dan even weg zijn uit hun dagelijkse sleur in tehuizen of jeugdinrichtingen. Ik doe dat samen met een vriend, Alex. We maken er hier dan echt een feestje van: de kinderen kamperen allemaal bij mij in de tuin, we doen spelletjes, eten samen, gaan naar restaurants en het theater. Kortom: we doen dingen die deze kinderen nooit doen, maar waarop elk kind volgens mij recht heeft. Dat is geweldig om te doen. Werken is leuk. Je dromen waar kunnen maken, is bijzonder.
